Basisschool bovenbouw

De goochelaar, de geit en ik

3sterQuerido, januari 2014

Ergens in de jaren ’20 van de vorige eeuw. Camiel (11) en zijn kleine broertje Joris wonen bij hun grootouders. Hun vader is illusionist en reist met zijn voorstelling langs morsige theaters. Met lange brieven houdt hij zijn zonen op de hoogte van zijn wel en wee. Camiel droomt ervan om ook illusionist te worden, of om tenminste naar de hbs te gaan, maar zijn praktische grootvader poot hem elke dag na schooltijd op een kruk in zijn schoenmakerij. Daarnaast helpt Camiel de socialistische dierenarts dokter Roodhart.
Dan blijkt ineens zijn vader in het Huis van Bewaring te zitten. Om  geld te verdienen voor een advocaat voor zijn vader, laat Camiel zich in met de rijke handelaar Martens, een doortrapte vent die anderen het gevaarlijke werk laat doen en zelf het geld opstrijkt. De geheimen die Camiel moet bewaren, stapelen zich op. Uiteindelijk moet hij een beslissing nemen: hoe hoog mag de kostprijs voor de vrijlating van zijn vader zijn?

De wanhoop van Camiel groeit met de bladzijde. De jongen kan geen mens in vertrouwen nemen; niemand mag weten dat zijn vader in de gevangenis zit. Opa en oma mopperen op die nietsnut die geen vak geleerd heeft, broertje Joris wordt wijsgemaakt dat vader goochelt in Parijs en Rome. Als vader in de gevangenis blijft, mag Camiel niet doorleren en wordt hij schoenmakersknecht. Martens weet wat er aan de hand is, want vader leende al eerder geld van Martens. Voor hij het weet, zit Camiel bij de man in de tang en moet hij ’s nachts in een donker bos smokkelaars de weg wijzen. Dat levert gruwelijk spannende scènes op, waarbij de angst van Camiel tussen de regels door kruipt.
Camiel worstelt met tegengestelde gevoelens: zijn vader was oneerlijk, maar wat hij zelf doet, is net zo min in de haak. Camiel is een dromer die zich met de moed der wanhoop een weg baant door het leven en uiteindelijk een belangrijke knoop doorhakt.

De goochelaar, de geit en ik is een sfeervol verteld verhaal. De auteur slaat veel – niet altijd even functionele – zijwegen in, maar Camiel blijft fier overeind als overtuigende hoofdpersoon. Het duurt even voor de lezer begrijpt dat het verhaal zich een kleine honderd jaar geleden afspeelt. Geen boek voor een grote groep lezers, wel is het genieten voor fijnproevers vanaf tien jaar.