Basisschool bovenbouw

De dag dat ik verdween

3stervertaling: Anneke Bok
illustraties: Mike Lowery
Billy Bones, augustus 2019

Max heeft het niet gemakkelijk. Omdat thuis zijn ouders zo veel ruzie maken, voelt hij zich op school als een fles priklimonade die op het punt staat uit elkaar te knallen. Als het dan knalt, gaat het ook flink mis. Andere leerlingen vinden hem een vervelend rotjochie, zeker als Max het grote schoolfeest totaal in het honderd stuurt.
Gelukkig heeft Max twee vriend die hem nemen zoals hij is. De ene is zijn hond Monster, de andere zijn dementerende, oude buurman Jack. Vaak vergeet Jack zelfs wie Max is. Als Max na de ramp van het schoolfeest naar Jack gaat en daar een vreemd ei uit Jacks vitrinekast in zijn hand heeft, wenst hij dat hij nooit bestaan heeft. Het volgende moment is hij uit zijn oude leven verdwenen. Niemand lijkt meer te weten wie hij is.
Even lijkt het prettig, maar al gauw mist Jack zijn familie. Bovendien maakt hij zich grote zorgen over Monster. Indertijd redde hij Monster het leven. Nu hijzelf nooit geboren lijkt te zijn, kan het niet anders of Monster moet dood zijn. Max wil terug naar zijn eigen, onhandige leven. Ondanks dat iedereen daar boos op hem is.

Max is een brokkenpiloot en het is heel logisch dat zijn klasgenoten stapelgek worden van dit impulsieve, nogal egocentrische jongetje. Toch krijg je tijdens het lezen geen hekel aan Max, maar meer een soort medelijden. Hij is in feite behoorlijk eenzaam en wil dolgraag gezien worden. Max voelt zichzelf volkomen onbelangrijk. Hij kon er net zo goed niet zijn. Denkt hij.
Zijn move naar de parallelle wereld gaat soepel en is volkomen geloofwaardig. Eenmaal in dat andere leven (waarin niemand hem (her)kent), komt Max erachter dat hij wel degelijk zijn sporen heeft nagelaten. Goed: het door hem gesloopte tuinhekje is weer (of nog) helemaal heel. Maar bijvoorbeeld zijn zus heeft zich zonder hem ontwikkeld tot een rotmeid die onder de plak blijkt te zitten bij het grootste kreng uit haar klas, en zijn vader doet ngo steeds het werk dat hij niet wil en is zichtbaar ongelukkig.

De dag dat ik verdween gaat over inzicht in jezelf, over zelfvertrouwen, over je plaats vinden op de wereld en over fouten herstellen. Het boek leest snel weg, van Max ga je houden, al ben je blij dat hij niet in jouw klas zit. Uiteraard komt het allemaal (bijna) helemaal goed. Een humoristisch boek met een serieus randje, geschikt voor lezers van elf jaar en ouder.